De Gedragscoach
..over gedrag en gedragsverandering
Lex Tabak, MSc.
De Gedragscoach
Dit is mijn blog over gedrag en gedragsverandering. Hieronder kun je zoeken op onderwerpen, of zelf een zoekwoord in geven.
Onderwerpen
Volg mij op social media
Inschrijven nieuwsbrief
Laatste artikelen
Waar komt angst vandaan en wat kun je eraan doen?
Waarom is het leven zwaar?
Wat is goed werkgeverschap?

Waarom is iemand jaloers?
Waarom is iemand jaloers? Ieder gedrag heeft een bepaald nut en ook jaloezie heeft nut. Voor degene die jaloers is. Degene op wie iemand jaloers is heeft het een stuk slechter. Zeker in relaties. In dit artikel gaan we in op wat jaloezie is en wat je eraan kunt doen. Wat is jaloezie? Jaloezie is een gevoel waarbij de één afgunst ervaart op de aandacht, het bezit of de positie van een ander. De persoon die jaloers is heeft behoefte aan meer aandacht, meer bezit of de positie die een ander inneemt. Aangezien jaloezie een gevoel isen gevoel als feedback mechanisme functioneert, zou je kunnen stellen dat iemand die jaloers is, feedback ontvangt dat zegt: ‘Wat die andere persoon krijgt, doet of heeft, wil ik ook’. Jaloezie is zowel een probleem voor de persoon die jaloers is, als de persoon op wie de jaloezie wordt geprojecteerd. Wat is jaloers gedrag? Op het moment dat iemand zich gaat gedragen naar het gevoel van afgunst richting een ander, spreken we van jaloers gedrag. Het claimen van aandacht is hierbij een voorbeeld. Het proberen af te nemen van bezit of het willen innemen van de positie van de ander kan ook gezien worden als jaloers gedrag. Jaloers gedrag is er dus op gericht om aandacht, bezit of positie af te dwingen. Niet zelden is iemand die jaloers is tot veel in staat om dit te bereiken. Het jaloerse gedrag kan ertoe leiden dat iemand probeert het gedrag van de ander naar zijn of haar hand te zetten. Dit alles om het doel te bereiken. Voorbeeld van jaloers gedrag Peter is jaloers als zijn vriendin Ellen met één van haar mannelijke vrienden uit eten gaat. Om de aandacht van Ellen vast te houden en zijn positie als partner niet kwijt te raken, probeert Peter Ellen te manipuleren. Ellen krijgt op subtiele wijze instructies over hoe zij zich moet gedragen tijdens het etentje. Daarnaast geeft Peter aan dat hij eigenlijk niet wil dat zij uit eten gaat met een vriend. Hij voelt zich er onzeker bij en Ellen wil toch zeker niet dat Peter zich onzeker voelt? Peter pakt de telefoon van Ellen zonder haar medeweten en stuurt de vriend van Ellen een app dat ze niet kan komen. Ze is ziek. Instrueren, manipuleren, chanteren, emotioneel worden en sabotage gedrag zijn praktische voorbeelden van jaloers gedrag. Wat is het nut van jaloezie? Wat brengt het iemand om zich jaloers te gedragen? Jaloezie leidt tot uiteindelijk tot een misplaatst gevoel van veiligheid bij de persoon die jaloers is. Mits het jaloerse gedrag daadwerkelijk tot resultaat leidt. Het behoud van aandacht leidt tot een gevoel van sociale veiligheid. Datgene krijgen waar je van vindt dat je ‘ook’ recht op hebt geeft een misplaatst gevoel van succes. Eenzelfde positie hebben als iemand die je met afgunst bekijkt geeft een misplaatst gevoel van aanzien. Met behulp van jaloers gedrag kan iemand bereiken wat hij of zij wil. Waarom is iemand jaloers? De vraag waarom iemand jaloers is, kun je ook op een andere manier verwoorden. Waarom is iemand bang om aandacht, bezit of positie te moeten missen? Antwoord: doordat iemand onzeker is. Onzekerheid over of er wel voldoende aandacht op die persoon afkomt. Onzeker zijn of ook jij wel krijgt waar je ‘recht’ op denkt te hebben. Onzekerheid doordat iemand anders beter presteert dan jijzelf. Iemand die jaloers is probeert een fundamenteel punt te negeren, namelijk de onzekerheid die iemand heeft. Het aanpakken van het gevoel van onzekerheid is de uitdaging die uit de weg gegaan wordt. Om te voorkomen dat je hiermee aan de slag moet, leert iemand zichzelf gedrag aan om alsnog zijn of haar zin te krijgen. Instrueren, manipuleren, chanteren en sabotage gedrag is ooit beloond en om die reden wordt het herhaald. Wat doet jaloezie met een mens? Als iemand jaloers is, heeft de ander het niet eenvoudig. Bij echte jaloezie wordt er geen moeite bespaard om emotionele chantage toe te passen om de eigen zin door te drijven. Mensen die vaardig zijn in jaloers gedrag geven de ander op subtiele wijze het idee dat hij of zij iets moet doen om de relatie goed te houden. Er moet een offer gebracht worden om de behoeftes van de jaloerse persoon te bevredigen. Mensen die te maken krijgen met jaloerse mensen kunnen op hun beurt hier bijzonder onzeker en nerveus van worden. Zij krijgen continu de boodschap dat zij niet voldoen of iets horen te doen wat niet bij hen past. De kracht van herhaling werkt in zo’n geval tegen iemand in. De jaloerse persoon herhaalt voortdurend datgene wat de ander zou moeten doen, waardoor de ander ook echt gaat geloven dat dit is wat hij of zij zou moeten doen. Op langere termijn is dit ziekmakend, op korte termijn maakt het de omgeving onvoorspelbaar. Waarom is iemand jaloers in een relatie? Iemand die onzeker is binnen een relatie, kan dit uiten via jaloers gedrag. Jaloers gedrag is daarmee een symptoom van een dieper liggend probleem. Zo kan het zijn dat iemand het gevoel heeft aandacht te kort te komen, of onvoldoende positie te krijgen. Omdat loyaliteit in een relatie tussen twee mensen vaak centraal staat, kan jaloezie soms grote vormen aannemen. Degene die jaloers is kan namelijk via het argument van loyaliteit de ander aanzetten tot het aanpassen van zijn of haar gedrag. Daarmee wordt de persoon die jaloers is beloond en zal dit gedrag zich herhalen. Lees ook: Voorkom relatietherapie met deze checklist voor jouw relatie Wat moet je doen tegen jaloezie? De aanpak van jaloezie is eenvoudig, maar niet gemakkelijk. Een goede aanpak van jaloezie betekent dat je de ander teleur moet stellen omdat je deze niet geeft waar hij of zij behoefte aan heeft. Je moet dus bereid zijn iemand teleur te stellen en om te gaan met de dikwijls zeer emotionele reactie als je er niet in meegaat. Hoe pak je dit praktisch aan?

Emoties niet onder controle? Oorzaak en aanpak
Heb jij je emoties niet onder controle? Dat kan privé en tijdens het werk veel problemen opleveren. Waarom komt een gebrek aan grip op emoties vandaan? In dit artikel gaan we in op de oorzaak en aanpak ervan. Hoe kom je tot ander gedrag en gedragsverandering? Wat zijn emoties? Ook al praten we vaak en heel laagdrempelig over ’emoties’, veel mensen staan niet stil bij het nut van emoties en de betekenis ervan. Bij de Gedragscoach beschrijven we emoties als een vorm van feedback die ontstaat in het limbische deel van de hersenen en iets zegt over hoe jij een situatie interpreteert. Dit past bij mij: blijdschap. Dit vind ik heel vervelend: boosheid. Hoe jij een situatie beleeft is bepalend voor wat je ervaart. Emoties zijn subjectief. Wat voor de één een prettige beleving is, hoeft voor de ander niet zo te zijn. Jouw beleving wordt door de hersenen geïnterpreteerd en daarbij ontstaat een emotie. Een emotie is een krachtige vorm van feedback is en is iets anders dan ‘gevoel’. Emoties zijn daarmee de anabolen steroïden versie van gevoel. Lees ook: Wat is het verschil tussen gevoel en emotie? Je kunt niet ‘afspreken’ emoties onder controle te houden Mensen die hun emoties onder controle willen krijgen, denken soms dat zij dit kunnen afdwingen door het af te spreken met zichzelf. Dit is een misvatting. De ‘ratio’, oftewel het deel van de hersenen dat bezig is met logica, wordt later aangesproken dan het limbische systeem. Oftewel, als je al in je emotie zit, is pas het deel van de hersenen aan de beurt waar die afspraken met jezelf opgeslagen staan. En omdat je in je emotie zit worden die afspraken er niet meer bijgehaald. Je blokkeert jezelf als het ware. Als je je emoties niet onder controle hebt, kan dit disfunctioneel worden. Jouw systeem is het normaal gaan vinden om vanuit emotie te reageren of krachtig je mening uit te dragen, op het moment dat je emotie ervaart. Een gebrek aan het sturen van emoties, het ‘reguleren’ van emoties, levert problemen op in zowel de privé sfeer als op het werk. Lees ook: Wat levert negatieve emoties onder controle krijgen je op? Emoties reguleren is sociaal gedrag Als mensen met elkaar samenwerken, is het normaal dat je je emoties onder controle houdt. Daarmee is niet emotioneel zijn geaccepteerd sociaal gedrag. Iemand die in de supermarkt begint te schreeuwen, trekt de aandacht. Een kind dat in een restaurant begint te krijsen, trekt de aandacht. Een wildvreemde die je agressief aankijkt in het verkeer, trekt de aandacht. Je emoties niet onder controle houden wordt gezien als onwenselijk en dus anti-sociaal gedrag. Het probleem met emotionele mensen is echter dat zij er voor gekozen hebben om hun emoties niet te leren ‘reguleren’. Anders waren ze niet zo emotioneel geweest. De omgeving ziet emotioneel gedrag als niet sociaal, maar de persoon die emotioneel reageert ziet dit anders. Voor die persoon is dit het ‘normaal’. Wat levert emotioneel zijn je op? Elk gedrag is logisch, voor degene die het vertoont. Ook emotioneel gedrag is logisch, omdat het iets oplevert. Wat levert emotioneel zijn op? Zoals gezegd zijn emoties een heel krachtige vorm van gevoel. Als iemand ervoor kiest om de feedback die vanuit het hoofd ontstaat, ook te tonen naar de omgeving toe dan komt de omgeving in een vervelende situatie terecht. Emoties, zoals angst, boosheid of verdriet, krijgen ruim baan en maken de stap naar emotioneel gedrag. Bij de emotie boosheid horen ook vaak vormen van verbale en fysieke agressie. Emotioneel zijn levert je op dat je jezelf kunt uiten op een manier waar je zelf zin in hebt, ongeacht wat dat betekent voor de omgeving. Laagdrempelig je emoties laten zien gaat dus gepaard met dwang voor de omgeving. Je zou dus kunnen stellen dat emotioneel gedrag egocentrisch gedrag is. Emotioneel gedrag doet veel met omstanders Als de omgeving gewend is aan sociaal gedrag en dus emotionele regulatie, maar één persoon is dat niet, dan eist deze persoon onmiddellijk de hoofdrol op. Vooral op een werkplek, waar emoties veelal gezien worden als ‘onprofessioneel’, trekt emotioneel gedrag de aandacht. Geïrriteerd, boos, gefrustreerd of nerveus. Emoties zijn onvermijdelijk en kunnen zeer indrukwekkend zijn voor omstanders. Emotioneel zijn levert je dus op dat je de aandacht naar je toe trekt en dat een aantal mensen je als gevolg daarvan gaan vermijden. Zij ‘leren’ dat jij jezelf niet onder controle hebt en de omgeving naar je hand wil zetten. Via emoties. Mensen haken af op emotioneel gedrag Vermijden is vervolgens natuurlijk gedrag voor de omgeving als iemand emotioneel wordt. Het gevolg is dat de persoon die emoties niet onder controle heeft alleen de mensen overhoudt die bereid zijn om te gaan met emoties. Daarmee selecteert de omgeving zich uit via emotioneel gedrag. De mensen die last hebben van jouw gedrag gaan met een boog om jou heen. Daarmee zie je alleen nog de mensen die wel willen samenwerken. Waardoor het beeld ontstaat dat je normaal functioneert. De omgeving wordt voorspelbaar en je hebt je emotionele gedrag niet meer nodig. Missie geslaagd? Aanpak als je je emoties niet onder controle hebt De belangrijkste vraag voor mensen die hun emoties niet onder controle hebben, is of zij van mening zijn dat zij hun emoties niet onder controle hebben. Is het ‘normaal’ dat je bij het minste geringste boos, geïrriteerd of bang reageert? Vind je het van belang hoe dat overkomt op anderen? Of wil jij je frustratie per se kwijt, ten koste van de omgeving? Deze vraag staat centraal als je emotioneel aangelegd bent. Het komt zeer geregeld voor dat emotionele mensen oprecht denken dat ze geen probleem hebben, omdat dit hun normaal is geworden. Mocht je aan de slag willen met de aanpak van emoties, besef dan dat dit vaak een langdurig traject is waarbij nieuwe gewenning moet optreden. Wat is de motor achter de emotie? Mocht iemand van mening zijn aan de slag te willen met het reguleren van emoties, dan is het belangrijk om te achterhalen wat de motor is van die emotie. Zoals gezegd is emotie een vorm van feedback en blijkbaar heeft die

Wat is een aanspreekcultuur en hoe creëer je dat?
Wil je een aanspreekcultuur creëren? Bijvoorbeeld in de zorg of in het onderwijs? In dit artikel leggen we uit wat een aanspreekcultuur praktisch is en hoe je dat creëert. We gaan ook in op waarom een aanspreekcultuur ontbreekt. Wanneer is er sprake van een aanspreekcultuur? Een aanspreekcultuur is een samenwerking tussen een groep mensen, waarbij het gebruikelijk geworden is dat de leden van de groep elkaar aanspreken als er iets afwijkends ontstaat. Vooral in de zorg en het onderwijs is het creëren van een aanspreekcultuur vaak een doel. Het nut van een aanspreekcultuur is dat er via elkaar aanspreken van elkaar, kan worden geleerd en verbeterd. Zeker in het publieke domein is dit van belang, omdat de financier van het publieke domein vaak een andere partij is dan degene die gebruik maakt van bijvoorbeeld zorg en onderwijs. In de for-profit sector is het gebruikelijker om elkaar aan te spreken, omdat de klant degene is die de rekening betaalt. Lees ook: Waarom spreken mensen elkaar niet aan? Hoe kun je een aanspreekcultuur creëren? Om een aanspreekcultuur te kunnen creëren, is het belangrijk om te begrijpen waarom er géén aanspreekcultuur ontstaat. Het samen leren en verbeteren klinkt als een logisch doel voor een organisatie, maar is niet soms niet te bereiken in de praktijk. Om een ander aan te kunnen spreken, is het noodzakelijk dat die ander dit op een goede manier kan incasseren. Gebeurt dat incasseren bijvoorbeeld op een emotionele wijze, of blijken er op een later moment negatieve gevolgen te zitten aan feedback geven, dan leren mensen het af om elkaar aan te spreken. Het creëren van een aanspreekcultuur is dus niet iets dat je kunt ‘afspreken’ met elkaar. Voordat aanspreken gebruikelijk wordt tussen mensen, moeten er goede voorbeelden ontstaan waarbij mensen elkaar aanspreken. Die goede voorbeelden kunnen niet ontstaan als aanspreken wordt bestraft. Hoe kun je een aanspreekcultuur verbeteren? Word er in de basis wel feedback gegeven, maar is dit nog niet heel gebruikelijk voor een team? Benoem en bevestig dan het voorbeeldgedrag van elkaar aanspreken. In de gedragswetenschap wordt gesteld dat ‘You het what you reinforce’, oftewel je krijgt wat je bekrachtigt. Als je elkaar aanspreken als wenselijk gedrag ziet, bekrachtig dan positief dit gedrag als het ontstaat. Voor veel organisaties is het gebruikelijk om te benoemen wat zij niet ziet. Het is veel effectiever voor gedrag en gedragsverandering als je benoemt wat je wél ziet. Lees ook: Cultuurverandering of cultuuromslag nodig? Begin bij groepsgedrag Elkaar aanspreken moet je durven. En leren. Het aanspreken van een collega moet je durven. Je moet een drempel over en stellen dat jouw mening ertoe doet. Daarnaast is het belangrijk dat je vaardig bent in het geven van feedback. Goed feedback geven is een competentie. Het gaat over zorgvuldig navigeren en rekening houden met de beleving van de ander. Uit onderzoek blijkt dat de beleving van mensen in een team bepalend is voor de ervaren veiligheid in dat team. Die veiligheid is op haar beurt weer bepalend bij het willen geven van feedback. Heeft u een team waarbij feedback geven niet gebruikelijk is en de aanspreekcultuur ontbreekt? Neem dan contact op >>

Assertief zijn, hoe doe je dat?
Voor jezelf opkomen wanneer je onrecht wordt aangedaan. Sommigen hebben het van nature, anderen hebben er moeite mee. Assertief zijn is een eigenschap die goed van pas kan komen in je leven, maar niet iedereen beschikt hierover. In dit artikel bespreken we de betekenis van assertief zijn en of je het kan aanleren. Wat betekent assertief zijn? Allereerst de betekenis van wat assertief zijn nou betekent. Als iemand assertief is komt die voor zichzelf op met respect voor de ander. Dit is lastiger dan het klinkt en vraagt naast een dosis zelfvertrouwen ook communicatieve vaardigheden. Op die manier kan je gefundeerd een weerwoord geven wanneer je onrecht wordt aangedaan. Assertief handelen betekent dus dat je met respect handelt voor jezelf en voor de ander. Wanneer je wel respect toont voor de ander, maar niet voor jezelf zien we dit meer als passiviteit of vluchtgedrag. Het tegenovergestelde kan ook, met respect voor jezelf handelen, maar niet voor anderen. Dit uit zich vaak in agressiviteit. Het laatste scenario is noch respect voor jezelf, noch voor anderen. Dit komt vaak neer op manipulatief handelen. In hoeverre iemand assertief is hangt af van het karakter van de persoon. Het gedrag wat iemand vertoont komt voort uit iemand’s genetische aanleg, het leerproces tot nu toe en de sociale context. Als iemand in zijn jeugd bijvoorbeeld veel voor zichzelf heeft moeten opkomen kan het zijn dat die persoon daarmee assertiviteit heeft ontwikkeld. Het kan ook zijn dat iemand geen assertief gedrag vertoont als hij of zij wordt beledigd door de leidinggevende ten overstaande van alle collega’s. Hierbij is de sociale context dus ook van belang. Nu we e betekenis van assertiviteit geduid hebben gaan we in op wat het voor je kan betekenen. Kan iemand echt veranderen? Lees meer! Hoe helpt assertief gedrag je? Assertief gedrag vertonen kan je helpen om een leven te leven zoals jij het wilt. Als je nooit voor jezelf opkomt kan je er later achterkomen dat je niet het leven hebt geleid wat je graag had gewild. Of als je alleen voor jezelf kan opkomen door agressief te handelen kan je mensen om je heen kwijtraken of durven mensen niet meer eerlijk tegen je te zijn. Assertief gedrag helpt je dus om je op een respectvolle manier te verhouden tot anderen, zonder jezelf te kort te doen. Is assertief zijn aan te leren? Zoals we eerder bespraken hebben sommigen van nature een assertievere houding dan anderen. Dat betekent niet dat assertiviteit niet later te ontwikkelen is. Om nieuw gedrag aan te leren is het belangrijk om te weten waar het oude gedrag vandaan kwam. Waarom kwam je niet eerder voor jezelf op? Hecht je veel waarde aan hiërarchie, zowel binnen een organisatie of een familie? Vind je dat jouw mening of gevoel er niet mag zijn? Is het aan jou om de vrede te bewaren? Of ontbreken de vaardigheden om communicatief voor jezelf op te komen? Als je weet wat het oude gedrag veroorzaakt kan je hier aan werken. Een gedragscoach kan bijvoorbeeld inzicht geven in je oude gedrag en je coachen naar nieuw gedrag. Hierbij zal het helpen om eerst in een veilige omgeving te werken aan een assertievere houding. Dit zal helpen met het zelfvertrouwen. Meer lezen over gedragsverandering? Lees hier alles. Assertiviteitstraining Naast coaching door een gedragscoach kan het ook helpen om je aan te melden voor een assertiviteitstraining. Dit houdt vaak in dat je een vast omlijnde training volgt die je gaat helpen om beter voor jezelf op te komen. Mocht je meer informatie willen over een coachingstraject of een assertiviteitstraining, neem dan contact op >

5 conflictstijlen van Thomas – Kilmann model
Niemand vindt ruzie maken leuk, maar ruziën is niet altijd slecht. Als conflict op een constructie manier benaderd wordt kan het mensen zelfs dichter bij elkaar brengen. Hierbij is het belangrijk om bewust te zijn van je eigen houding en gedrag tijdens conflicten. Hier gaan we in dit artikel dieper op in aan de hand van het Thomas Kilmann Model, dat 5 conflictstijlen beschrijft. Waar komt conflict vandaan? Wij zelf vinden dat ons eigen gedrag altijd logisch en volledig rationeel is. Helaas blijken wij mensen allesbehalve rationeel te handelen en zijn er net zoveel waarheden als dat er mensen zijn. De ‘juiste’ manier blijkt toch behoorlijk persoonlijk te zijn. Hierdoor verschilt het gedrag van de ander soms met onze verwachtingen of overtuigingen. Dit kan leiden tot een conflict, waarin je beiden je eigen opvattingen meeneemt over wat ‘juist’ is. Dit is niks geks en het zal iedereen regelmatig overkomen. Hoe je vervolgens handelt tijdens zo’n conflict bepaalt of het escaleert of dat je gezamenlijk tot een oplossing komt. De houding die je aanneemt komt voort uit je eigen karakter, maar is ook afhankelijk van de sitautie. Bijvoorbeeld een ouder die in een gezin een andere houding aanneemt, dan wanneer hij of zij een conflict heeft met zijn of haar leidinggevende. Lees ook: Assertief zijn, hoe doe je dat? Wat zijn de 5 conflictstijlen van het Thomas Kilmann model? Het model van Kenneth Thomas en Ralph Kilman redeneert vanuit twee menselijke neigingen, namelijk assertiviteit en coöperativiteit. Oftewel, de wens om je eigen doelen door te drukken versus de wens om samen te werken met de ander. Op basis hiervan komen zij tot 5 conflictstijlen: Doordrukken Linksboven vind je de conflictstijl doordrukken. Deze houding komt voort uit een hoge assertiviteit en een laag gevoel van coöperativiteit. Dit kan ook gepaard gaan met agressiviteit. Deze houding zie je vaak wanneer mensen in een bevelvoerende positie zijn en weinig tijd of moeite willen steken in het oplossen van het conflict. Deze houding is niet per definitie slecht, soms is het belangrijk om vast te houden aan je eigen opvattingen. Echter kan het conflict escaleren en leiden tot emoties bij de ander zoals woede of verdriet. Ook is het niet een constructieve houding om de relatie te verbeteren en kan het zelfs leiden tot het verbreken van de samenwerking. Vermijden Linksonder vinden we de conflictstijl vermijden. Hier zien we dat er noch een gevoel van assertiviteit of coöperativiteit is. Het conflict wordt vermeden. Mensen nemen deze houding aan als ze geen autoriteit hebben over de ander of niet de moeite kunnen opbrengen om het gesprek aan te gaan. Deze houding zien mensen vaak als zwak en passief, het aannemen van deze houding kan echter goed van pas komen, bijvoorbeeld als iemand voorpiept in de rij bij de kassa. Dit kan je peace of mind geven. Als een conflict echter structureel wordt vermeden kan dat leiden tot een groter conflict. Toegeven Rechtsonder in het Thomas-Kilmann model vinden we toegeven als conflictstijl, dit is de uitkomst van een lage assertiviteit en hoge coöperativiteit. Deze houding komt neer op concessies doen en meegaan in de wensen van de ander in plaats van het gesprek aangaan. Het is een effectieve manier om met conflict om te gaan als je geen zeggenschap hebt in de situatie. Soms komt het ook voort uit een gebrek aan eigenwaarde, als je vindt dat jouw wensen en behoeften er niet mogen zijn. Op lange termijn kan deze houding dus leiden tot een onwenselijke situatie voor je zelf. Samenwerken Samenwerken, de houding die mensen aannemen als ze zowel assertief als coöperatief zijn. Wanneer mensen samenwerken proberen ze een balans te vinden tussen je eigen wensen en die van de ander. Je bent op zoek naar gedeelde belangen en overeenkomsten in plaats van verschillen. Het uitgangspunt van deze houding is dat alle partijen er beter uitkomen. Deze houding zie je vaak bij mensen die zowel veel zelfvertrouwen hebben als empatisch zijn. Op die manier hebben ze oog voor hun eigen wensen als die van de ander. Samenwerking is echter niet altijd makkelijk. Het betekent dat dat je beiden transparant bent over je mening en gevoelens en dit betekent kwetsbaarheid. It takes two to tango. Compromis sluiten In het midden vind je de 5de strategie, een compromis sluiten. Deze houding scoort op zowel assertiviteit als cooperativiteit gemiddeld. Hierin ga je samen op zoek naar een uitkomst waarin jouw voorwaarden en die van de ander gedeeltelijk uitkomen. Dit betekent dat je ook moet toegeven op de voorwaarden van de ander. Deze houding is een goede tweede keuze als het niet lukt om op een ideaal scenario voor beide partijen uit te komen. Hoe gebruik je het conflictstijlen model van Thomas en Kilmann? Het is goed om dit te weten, maar het werkt nog beter om dit ook te gebruiken in de praktijk. Wanneer je herhaaldelijk in een conflict eindigt met iemand anders kan het helpen om gezamenlijk naar dit model te kijken. Je gaat dan het gesprek aan over welke houdingen aangenomen worden en waarom dat gedaan wordt. Op die manier kijk je dus op een meta-wijze naar het conflict, oftewel, alsof je erboven hangt en observeert hoe het conflict verloopt. Dit vraagt van beide partijen een bereidwilligheid om het patroon van conflict te verhelpen. Doe deze test gebaseerd op het Thomas-Kilmann conflictstijlen model. Wil je meer weten over je eigen conflictstijl? Je vindt hier een test waarin jouw eigen houding naar voren komt. Onthoud dat jouw conflictstijl ook mede-afhankelijk is van de situatie! Wil je in gesprek over hoe je jouw conflictstijl kan veranderen? Neem hier contact op met de Gedragscoach.

Wat is leiderschap volgens de Gedragscoach?
Leiderschap wordt soms omschreven als situationeel, persoonlijk, dienend of zelfs ‘verpleegkundig’. Daarmee ontstaat het beeld dat leiderschap volgens een bepaalde definitie aan te wijzen en te instrueren is. In de huidige, snel veranderende werkomgeving is er echter behoefte aan een ander soort leiderschap, waarbij leiders meer faciliterend en mensgericht moeten zijn om medewerkers te motiveren en organisaties wendbaar te houden. Na talloze leiderschapstrajecten en met de kennis over gedrag heb ik als gedragscoach een heel ander beeld bij leiderschap. Wat is leiderschap volgens een gedragscoach? Er bestaat niet slechts één soort leiderschap; binnen organisaties komen verschillende soorten leiderschap voor op verschillende niveaus, waarbij het belangrijk is om sturing en zelforganisatie goed te balanceren. Zoektocht naar leiderschap De zoektocht naar wat leiderschap precies is, neemt inmiddels een aantal eeuwen in beslag. In het beschrijven van wat je nu precies moet doen om een leider te zijn, is er taal bedacht om aan te wijzen hoe je een leider kunt worden. Als je als leider rekening houdt met een specifieke situatie, dan bied je ‘situationeel leiderschap’. Als je jouw leiderschap zelf uitdraagt, dan noemen we dit ‘persoonlijk leiderschap’. Op het moment dat je faciliterend werkt voor medewerkers dan wordt dit aangewezen als ‘dienend leiderschap’. Tenslotte is er zelfs leiderschap dat rekening houdt met een specifiek vak. Zo is het onder verpleegkundigen gebruikelijk geworden om de beroepsgroep aan te spreken op hun ‘verpleegkundig leiderschap‘. Leiderschap gaat over het beïnvloeden van gedrag om een gezamenlijk doel te bereiken. Daarbij is het belangrijk om het verschil te zien tussen een manager en een leider: een manager richt zich vaak op het organiseren en controleren van werk, terwijl een leider meer focus heeft op visie en motivatie. Effectief leiderschap draagt bij aan het behalen van de doelstellingen van de organisatie. Leiders moeten niet alleen kunnen motiveren en communiceren, maar ook in staat zijn om in complexe situaties beslissingen te nemen. Maar is leiderschap wel iets dat je kunt besluiten te gaan doen? Eigenschappen van een leider Een effectieve leider beschikt over een unieke mix van eigenschappen en vaardigheden die hem of haar in staat stellen om mensen te inspireren, te motiveren en samen te brengen richting gemeenschappelijke doelen. Goed leiderschap draait niet alleen om het behalen van resultaten, maar vooral om het creëren van een cultuur waarin mensen zich gewaardeerd voelen en hun volle potentieel kunnen benutten. Een van de belangrijkste kenmerken van effectief leiderschap is het hebben van een heldere visie. Een goede leider weet waar hij of zij naartoe wil en kan deze duidelijke visie op een inspirerende manier overbrengen op het team. Dit vraagt om sterke communicatievaardigheden en het vermogen om complexe ideeën eenvoudig en begrijpelijk te maken. Daarnaast is het essentieel dat een leider verantwoordelijkheid neemt voor zijn of haar beslissingen, ook in lastige situaties. Door open te zijn over keuzes en consequenties, bouwt een leider aan onderling vertrouwen en eigenaarschap binnen het team. Moreel leiderschap speelt een steeds grotere rol in organisaties. Een effectieve leider is zich bewust van zijn of haar voorbeeldfunctie en handelt vanuit integriteit en respect. Door moreel leiderschap te tonen, motiveert een leider anderen om ook verantwoordelijkheid te nemen en ethisch te handelen, wat bijdraagt aan een positieve en veilige werkcultuur. Situationeel leiderschap is een andere belangrijke eigenschap. Een goede leider herkent dat elke situatie en elk teamlid uniek is, en past zijn of haar leiderschapsstijl daarop aan. Soms vraagt een situatie om sturing en duidelijke kaders, terwijl in andere gevallen juist autonomie en ruimte voor eigen initiatief nodig zijn. Het vermogen om flexibel te schakelen tussen verschillende leiderschapsstijlen maakt het verschil tussen goed en slecht leiderschap. Onderling vertrouwen vormt de basis voor effectieve samenwerking. Een leider die vertrouwen geeft en krijgt, creëert een open cultuur waarin mensen zich durven uitspreken, fouten mogen maken en samen kunnen groeien. Dit vertrouwen is essentieel voor het ontwikkelen van sterke teams en het behalen van betere prestaties. Nieuwe leiders, zeker wanneer zij een formele positie innemen, staan voor de uitdaging om niet alleen op basis van hun functie, maar vooral door hun gedrag en relaties invloed uit te oefenen. Effectieve leiders weten dat leiderschap en management hand in hand gaan: het gaat niet alleen om het aansturen van taken, maar ook om het ontwikkelen van mensen en het bouwen aan duurzame relaties. Inclusief leiderschap is in toenemende mate van cruciaal belang. Een goede leider zorgt voor een cultuur waarin diversiteit wordt gewaardeerd en iedereen zich betrokken en gehoord voelt. Door ruimte te geven aan verschillende perspectieven en talenten, stimuleert een leider innovatie en groei binnen de organisatie. Verantwoordelijkheid nemen is een rode draad in goed leiderschap. Een leider die zijn of haar eigen rol en invloed erkent, inspireert anderen om hetzelfde te doen. Dit vraagt om zelfreflectie, het ontwikkelen van nieuwe vaardigheden en het lef om te experimenteren met nieuw leiderschap. Door te investeren in persoonlijke ontwikkeling en het stimuleren van groei bij anderen, ontstaat een cultuur van continue verbetering. Tot slot is het vermogen om effectief te communiceren en relaties op te bouwen onmisbaar. Een leider die open en eerlijk communiceert, creëert duidelijkheid en voorkomt misverstanden. Door actief te luisteren en feedback te geven, ontstaat er een sfeer van wederzijds respect en betrokkenheid. Samenvattend: een effectieve leider combineert een heldere visie, moreel leiderschap, situationeel inzicht, verschillende leiderschapsstijlen, onderling vertrouwen en het vermogen om verantwoordelijkheid te nemen. Door te investeren in ontwikkeling, inclusiviteit en open communicatie, legt een leider de basis voor een positieve werkcultuur waarin iedereen kan groeien en bijdragen aan het gezamenlijke succes. Goed leiderschap is daarmee van cruciaal belang voor het behalen van gemeenschappelijke doelen en het realiseren van duurzame prestaties. Wat zijn verschillende leiderschapsstijlen volgens een gedragscoach? Als gedragscoach kijk ik heel anders naar leiderschap. We weten dat ieder mens zijn eigen beleving centraal stelt. Wat ik ervaar, is bepalend voor mijn gedrag. Dat geldt ook voor jou. Mocht je dat geloven, dan ben je het er misschien mee eens dat de mensen die leiderschap ontvangen, moeten ervaren dat er sprake is van leiderschap. Ik kan dus alleen effectief zijn als leider als de ander mijn

Waarom zou je een samenwerking saboteren?
Er zijn situaties waarbij iemand opzettelijk een samenwerking belemmert of laat ontsporen. Zo’n opzettelijke daad richting een samenwerking wordt ook wel sabotage genoemd. Waarom zou je een samenwerking saboteren? Wat is het nut ervan? Wat is het nut van saboteren? Gedrag heeft altijd een bepaald nut. Het is in de praktijk niet altijd makkelijk om het nut van gedrag in te zien. Toch kun je je bij ieder gedrag (of gebrek aan gedrag) afvragen wat daar de bedoeling van is. Gedrag heeft namelijk altijd ‘een functie’ voor degene die het vertoont. Ook sabotagegedrag heeft dus nut. Waarom zou je een samenwerking saboteren? Als ik een samenwerking saboteer, dan vermijd ik dat anderen in positie komen of in positie blijven. Of ik vermijd dat ik zelf uit positie raak. Iemand die saboteert heeft als doel om positie, status en macht vast te bereiken, vast te houden of te vergroten. Het individu wil dus per se de aandacht op zichzelf gericht houden en is bereid om daar alles voor te doen. Samengevat helpt sabotage iemand om in positie te komen of in positie te blijven. Daarmee is sabotage een ultieme zelfzuchtige daad. ‘Maar sabotage heeft toch grote gevolgen?’ In de praktijk treffen we vaak ongeloof bij deze uitleg. De natuurlijke reactie van omstanders is dat zij zich niet voor kunnen stellen dat iemand zichzelf voor het belang van een gezin, familie, team, vereniging, organisatie, (lokale) overheid of land plaatst. Toch is dit wel degelijk het geval. Zoals gezegd heeft sabotage tot doel om jezelf in positie te houden. Dat daar lang lopende samenwerkingen, het belang van een bedrijf en/of decennia lange relaties voor moeten worden opgeofferd is hiebij ondergeschikt. De persoon in kwestie zit er namelijk niet in voor de inhoud van de opdracht of de relatie met anderen. De persoon in kwestie zit er alleen in voor zichzelf en niemand anders. Van loyaliteit naar anderen is alleen sprake zolang dit het belang van de persoon in kwestie niet schaadt. Gebruikelijke gedragingen bij sabotage Gedrag is wat ons betreft heel wetmatig van aard en je kunt dan ook trends zien als je goed oplet. Bij de coachingstrajecten die we hebben gedaan zijn we met regelmaat geconfronteerd met pogingen tot- en de uitvoering van sabotage. Welke gebruikelijke gedragingen zien we bij sabotage? Commitment bleek slechts een suggestie Om in positie te komen, is nodig dat je binnen een groep mensen gesocialiseerd gedrag laat zien. De persoon met behoefte aan status en macht stemt daarom in met het belang van verbetering en verandering. Verbeterplannen worden onderschreven, beloftes worden geuit. Op fotomomenten tref je lachende mensen. Uiteraard gaan we voor een betere toekomst met elkaar. Daarmee wekt de persoon in kwestie de suggestie dat er sprake is van commitment en loyaliteit. Dit blijkt vaak voldoende om in positie te komen, omdat omstanders vertrouwen op wat er uitgesproken wordt. Op een later moment zal blijken dat deze commitment niets waard is en het vertrouwen ongegrond is. Informatie wordt selectief gedeeld Voor en tijdens sabotage wordt er selectief informatie gedeeld met omstanders. Het nut hiervan is om omstanders op een later moment te kunnen manipuleren. Verhullen, vertragen, kleineren, verdraaien, liegen, ontkennen en negeren zijn heel gebruikelijke gedragingen voor een persoon die er in zit voor zichzelf. Het selectief delen van informatie is een veeg teken dat het spel al op de wagen is. Dit is dus een belangrijk signaal vooraf. Het probleem met dit type gedrag is dat je moet zien wat er niet is. Dit vraagt oefening. Je kunt het ontbreken van informatie namelijk niet zien en vaak hebben mensen niet door dat zij gemanipuleerd worden. Omdat er sprake is van misplaatst vertrouwen. Het probleem ligt aan de ander Het saboteren van een samenwerking vindt plaats als de positie van de persoon in kwestie in het gedrang komt. Op dat moment is het niet meer opportuun om de samenwerking aan te houden en is een radicale koerswijziging op komst. Dat de saboteur zich al enige tijd bedreigd voelt door de gevolgen van de samenwerking, valt aan de buitenkant niet af te lezen. Hierdoor is er volop ruimte voor manipulatie en liggen alle mogelijkheden open. De vraag is hoe de radicale omslag wordt ingeleid. Het moment waarop sabotage start kenmerkt zich veelal door een verwijt of oorzaak met een externe oorzaak. Het ligt plotseling aan de houding van een andere partij, een onoverbrugbaar verschil van inzicht of er wordt een praktische barricade opgeworpen waarvan duidelijk is dat die leidt tot het uiteenvallen van de samenwerking. De saboteur geeft vaak via taal aan hier ook zelf niet voor gekozen te hebben en dat deze situatie uiteraard bijzonder vervelend is. Gedwongen tot stellingname: ben je ‘voor’ of ‘tegen’? Nadat de sabotage is gestart, valt de wereld uiteen in ‘voor’ en ‘tegenstanders’ van de ontstane situatie. Omstanders worden plotseling tot een keuze gedwongen onder het mom van loyaliteit. ‘Ben je voor of tegen mij’? De radicale omslag van de saboteur is over het algemeen niet vooraf bekend bij omstanders, maar de reflex om de saboteur te steunen is dikwijls bij een bepaalde groep aanwezig. Dit maakt dat bij sabotage de verhoudingen vaak snel verharden en op de spits worden gedreven. Uitingen van passieve en actieve agressie zijn vaak aan de orde van de dag, om te benadrukken dat er een onoverbrugbare situatie is ontstaan en dat deze niet beter zal worden. Dreigen, liegen en praten over anderen zonder dat zij erbij zijn, is veelal gebruikelijk in deze fase. Hoe stop je sabotage? Sabotage gaat over de wens van een persoon of samenwerkende personen om in positie te komen of in positie te blijven. Het mogelijke repertoire aan gedrag om een samenwerking te belemmeren is eindeloos en dat maakt de aanpak van sabotage iedere keer een proces op maat. We zien in de praktijk terug dat mensen die bereid zijn om onder alle omstandigheden voor zichzelf te kiezen, niet gedreven worden door een moreel kompas of last hebben van gewetensbezwaren. De saboteur op zijn bredere verantwoordelijkheden wijzen heeft geen nut. Die gedeelde verantwoordelijkheden voor de opdracht, de organisatie of anderen worden niet zo beleefd.

Waarom reistijd naar werk goed is voor je mentale gezondheid
De afgelopen 15 maanden hebben we in Nederland massaal thuisgewerkt, maar het verplicht thuiswerken wordt langzaamaan opgeheven. De drukte op de weg en in het openbaar vervoer neemt toe en kantoren staan niet meer leeg. Hybride werken is het nieuwe buzz-woord. Hoewel forenzen van en naar kantoor bepaald geen hobby was voor velen, heeft een lange periode zonder ons ook wat geleerd. We misten iets. In dit artikel bespreken we wat forenzen met onze mentale gezondheid doet en wat we misten tijdens de corona-periode. File, haast, gemiste of uitgevallen treinen. Vaak resulteerde de reis en van en naar werk in stress. Het was bepaald niet ons favoriete moment van de dag, het was vooral noodzakelijk in het pre-fulltime thuiswerken tijdperk. Onderzoek heeft aangetoond dat de ideale reistijd naar en van werk 16 minuten enkele reis is. Wij Nederlanders reizen gemiddeld 25 minuten naar onze werkplek, 56% meer dan die ideale reistijd. Hoewel korter dus wenselijk zou zijn, is de ideale reistijd niet 0. Waarom is dit zo? Waarom willen we reistijd tussen werk en thuis? Reistijd is meer dan een fysieke verplaatsing Ook al brengt onze reistijd naar werk vaak stress met zich mee, we maken er het beste van. We werken wat e-mails weg, bellen onze gemiste oproepen terug of luisteren naar een audioboek. Op deze manier fungeert je reistijd ook vaak als een overgang tussen je privé-leven en je werk-leven. Het helpt om sochtends jezelf voor te bereiden op je werkdag en om aan het einde van de werkdag rustig af te sluiten. Verschillende persoonlijke rollen Hoe graag we ook authentiek willen zijn, ons gedrag op werk en thuis verschilt vaak. Dat hebben veel partners ook wel ervaren wanneer ze hun partner thuiswerkend meemaakten. Opeens blijkt je partner geen nee te durven zeggen tegen zijn of haar baas of blijkt je partner zelf een strenge leidinggevende te zijn. Aangezien we ons vaak verhouden tot onze omgeving en ons gedrag daar op afstemmen is het logisch dat we ons anders gedragen op werk dan thuis. Reistijd tussen werk en thuis werkt dan ook goed als overgangsfase tussen de verschillende rollen. We sluiten de ene rol langzaam af en bereiden ons mentaal voor op de volgende. Waarom is reistijd goed voor je mentale gezondheid? Nu we massaal moesten thuiswerken is juist deze overgangsfase wat veel mensen misten. Werk en privé lopen in elkaar over. Wasmachines worden geleegd tussen meetings door en werk e-mails worden savonds beantwoord naast je partner op de bank. Het wisselen tussen deze activiteiten en dus het wisselen tussen de rol van manager, ouder, partner en collega vraagt mentaal veel van ons. Afgesproken werktijden vervaagden, wat er vaak voor zorgde dat mensen onder de streep meer uren overwerken. Mentale gezondheid en thuiswerken In de toekomst zal voor veel mensen de werkweek meer hybride georganiseerd zijn. Een mix tussen enkele dagen thuiswerken en enkele dagen op kantoor. Daarom is het belangrijk goede gewoonten in te bouwen om de thuiswerkdagen beter te starten en te eindigen. We geven je daarom deze tips mee: Door je bewust te zijn van de mentale tol die thuiswerken eist kan je hier op letten. Zo hoef je niet in een drukke trein of file te staan om de vruchten te plukken van reistijd. Bron: theatlantic.com

Verslaafd aan social media: herken de symptomen en vind ondersteuning
In dit artikel lees je meer over de verslavende kracht van social media en hoe sociale media ons leven beïnvloeden. De Gedragscoach geeft presentaties over het gebruik en de effecten van social media. En belangrijker; wat kun je er tegen doen? De verslavende kracht van social media In de afgelopen decennia hebben sociale media zich ontwikkeld tot een integraal onderdeel van ons dagelijks leven. Platforms zoals Facebook, Instagram, TikTok en Twitter bieden ons de mogelijkheid om in contact te blijven met vrienden en familie, trends te volgen en onze persoonlijke verhalen te delen. Maar achter de schermen schuilt een fenomeen dat steeds meer aandacht krijgt: social media verslaving. Wat is een Sociale Media Verslaving? Een sociale media verslaving kan worden omschreven als het overmatig en dwangmatig gebruik van platforms, vaak ten koste van andere belangrijke aspecten van het leven zoals werk, studie en sociale contacten. Mensen die hieraan lijden, hebben vaak moeite om de controle te bewaren over hun gebruik, ondanks negatieve gevolgen. Het constante scrollen, liken en reageren activeert de beloningssystemen in onze hersenen, waardoor we telkens terugkeren voor meer. Sociale media verslaving kan leiden tot vergelijkbare problemen als andere verslavingen. Waarom is social media zo verslavend? Social media is ontworpen om verslavend te zijn. Door de eindeloze stroom van nieuwe content, notificaties en sociale bevestiging ontstaat een bijna onbedwingbare drang om telkens je telefoon te pakken. Dit mechanisme, bekend als “variable rewards” of onvoorspelbare beloningen, zorgt ervoor dat gebruikers steeds opnieuw terugkomen, zonder te weten wat de volgende beloning zal zijn. Deze onvoorspelbare beloningen spelen een belangrijke rol in het verslavingsmechanisme van sociale media, net zoals gokautomaten dat zijn. Daarnaast spelen algoritmes een belangrijke rol. Ze leren je voorkeuren kennen en bieden je content aan die aansluit bij jouw interesses. Hoewel dit handig lijkt, kan het er ook toe leiden dat je steeds meer tijd op het platform doorbrengt. Voor je het weet, ben je uren kwijtgeraakt aan het bekijken van video’s of het lezen van berichten. Symptomen en Gevolgen van Sociale Media Verslaving Een sociale media verslaving kan leiden tot een reeks van negatieve gevolgen, zowel mentaal als fysiek. Mensen die verslaafd zijn aan sociale media ervaren vaak gevoelens van eenzaamheid en depressie. Het constante vergelijken met anderen op platforms zoals Facebook, Instagram of WhatsApp kan leiden tot een laag zelfbeeld en minder voldoening in het leven. Daarnaast kan het obsessief bezig zijn met sociale media ervoor zorgen dat men offline sociale contacten verwaarloost, wat de eenzaamheid verder kan versterken. Symptomen van een sociale media verslaving zijn onder andere: Deze symptomen en gevolgen benadrukken het belang van het herkennen en aanpakken van een sociale media verslaving om de mentale en fysieke gezondheid te beschermen. De impact en negatieve gevolgen van een verslaving aan social media Een verslaving aan social media kan een grote impact hebben op de mentale en fysieke gezondheid. Mensen met een dergelijke verslaving melden vaak gevoelens van angst, depressie en een laag zelfbeeld. Het constante vergelijken met anderen, gecombineerd met het gevoel altijd “aan” te moeten staan, zorgt voor een flinke mentale belasting. Sociale media verslaving is een serieuze verslaving die vaak niet wordt herkend. Bovendien kan het gebruik van sociale media de slaap verstoren. Veel mensen scrollen voor het slapengaan door hun feeds, wat niet alleen zorgt voor een verhoogde alertheid maar ook de aanmaak van melatonine verstoort. Dit heeft directe gevolgen voor de slaapkwaliteit en het dagelijks functioneren. Behandeling en strategieën voor sociale media verslaving Er zijn verschillende behandelingen en strategieën die kunnen helpen bij het overwinnen van een sociale media verslaving. Een effectieve methode is een digitale detox, waarbij men een periode van tijd geen gebruik maakt van elektronische apparaten. Dit kan helpen om de afhankelijkheid van sociale media te doorbreken en meer tijd te besteden aan offline activiteiten. Andere strategieën zijn: Door deze strategieën toe te passen, kan men een gezonde balans vinden tussen sociale media gebruik en andere aspecten van het leven. Sociale media en smartphone gebruik Sociale media en smartphone gebruik zijn nauw met elkaar verbonden. Veel mensen gebruiken hun smartphone om toegang te krijgen tot sociale media en om online te communiceren. Dit kan echter leiden tot een verslaving aan zowel sociale media als smartphone gebruik. Het constante checken van notificaties en het scrollen door feeds kan ervoor zorgen dat men minder tijd besteedt aan offline activiteiten en sociale contacten. Om dit te voorkomen, is het belangrijk om de tijd die men besteedt aan sociale media en smartphone gebruik te beperken. Dit kan door specifieke tijdslimieten in te stellen en bewust te kiezen voor offline activiteiten. Daarnaast is het nuttig om alternatieve manieren te vinden om sociale contacten te onderhouden, zoals het plannen van ontmoetingen met vrienden en familie. Hoewel sociale media en smartphone gebruik niet per se slecht zijn, is het cruciaal om een gezonde balans te vinden. Sociale media kunnen positieve doeleinden dienen, zoals het onderhouden van sociale contacten en het delen van informatie, maar het is belangrijk om te voorkomen dat ze het dagelijks functioneren en het sociale leven negatief beïnvloeden. Sociale media: vriend of vijand? Hoewel sociale media verslavend kunnen zijn, hoeven ze niet per se een vijand te zijn. Het draait allemaal om balans. Door bewust om te gaan met je gebruik en grenzen te stellen, kun je de voordelen van sociale media benutten zonder erdoor te worden opgeslokt. Iemand kan als verslaafd aan social media worden beschouwd wanneer het gebruik ervan het dagelijks leven verstoort, wat kan leiden tot problemen zoals verminderde productiviteit, slaaptekort en verhoogde stressniveaus. Hierbij kan het helpen om notificaties uit te schakelen, specifieke tijdslimieten in te stellen of bepaalde apps zelfs volledig te verwijderen. Daarnaast kunnen mindfulness-oefeningen helpen om bewuster met je tijd om te gaan en de controle over je gedrag terug te nemen. Conclusie Social media verslaving is een groeiend probleem dat zowel individuen als de samenleving raakt. Hoewel sociale media ons veel kunnen bieden, schuilt er een gevaar in het overmatige gebruik ervan. Het is daarom belangrijk om kritisch naar ons eigen gedrag te kijken en bewust

Uitstelgedrag: oorzaak en aanpak
Zoals ieder gedrag, is ook uitstelgedrag logisch en te verklaren. Maar ook in dit geval kunnen de gevolgen voor iemand die uitstelgedrag vertoont groot zijn. Dat geldt ook voor de omgeving van die persoon. In dit artikel leggen we uit hoe het zit met uitstelgedrag en gaan we in op de oorzaak en aanpak ervan. Wat is uitstelgedrag? Uitstelgedrag is gedrag waarbij je iets anders doet dan wat je van jezelf verwacht, of door anderen van je verwacht wordt. De dingen die je doet of zegt leiden niet tot het doel wat je hebt. In de tussentijd vertoon je ‘gedrag’ waarmee je ‘uitstelt’ wat je hoort te doen: uitstelgedrag. Daarmee is uitstelgedrag het tegenovergestelde van initiatief nemen. Veel mensen stellen dingen uit door veelvoorkomende oorzaken zoals faalangst, perfectionisme en afleidingen. Deze oorzaken van uitstelgedrag spelen een grote rol in het dagelijks leven en kunnen het behalen van persoonlijke doelen in de weg staan. Als je initiatief neemt voorkom je problemen en handel je doelgericht. Bij uitstelgedrag raken mensen in de problemen en behalen zij hun doelen niet. Mensen stellen dingen vaak uit vanwege verschillende onderliggende oorzaken, zoals onzekerheid of angst om te falen. Het herkennen van de oorzaken van uitstelgedrag is essentieel om het patroon te doorbreken. Wanneer je zaken uitstelt, heeft dit niet alleen invloed op je productiviteit, maar ook op je persoonlijke ontwikkeling en het verwezenlijken van je dromen en passies. Definitie en kenmerken Uitstelgedrag, ook wel bekend als procrastinatie, is het patroon waarbij je belangrijke taken steeds weer voor je uitschuift, zelfs als je weet dat dit negatieve gevolgen kan hebben. Vaak gaat het niet om eenmalig iets uitstellen, maar om een terugkerende gewoonte waarbij je constant uitvluchten zoekt om zaken niet direct aan te pakken. Dit leidt tot het nemen van verkeerde beslissingen, het missen van deadlines en het laten opstapelen van taken. De gevolgen zijn niet alleen praktisch – zoals een lagere productiviteit – maar raken vaak ook je persoonlijke relaties en mentale gezondheid. Mensen die uitstelgedrag vertonen, ervaren vaak negatieve emoties zoals schuldgevoel, frustratie en teleurstelling in zichzelf. Op de lange termijn kan dit zelfs leiden tot een verminderd zelfbeeld, stress en conflicten met anderen. Het is dus belangrijk om uitstelgedrag te herkennen en te begrijpen, zodat je de negatieve spiraal kunt doorbreken en weer grip krijgt op je dagelijkse leven. Voorbeelden van uitstelgedrag Voordat we ingaan op de oorzaak en aanpak van uitstelgedrag, nog even wat praktische voorbeelden. Door steeds taken uit te stellen en te verschuiven naar andere taken, kunnen deze zich gaan stapelen en raak je het overzicht kwijt. Bij de Gedragscoach kijken we vooral naar de wetenschap van de toegepaste gedragsanalyse, maar ook naar de sociale psychologie en de neurowetenschap. Waar komt uitstelgedrag vandaan? Uitstelgedrag en de onderliggende psychologische oorzaken In de sociale psychologie wordt vaak gesproken over ‘motivatie’, of – bij uitstelgedrag – het gebrek daaraan. De redenatie is dat ieder mens voldoende motivatie van binnenuit moet kunnen vinden en dat daarmee ander gedrag kan ontstaan. Er is echter een belangrijk verschil tussen normaal uitstelgedrag en pathologisch uitstelgedrag. Bij pathologisch of ziekelijk uitstelgedrag hebben mensen constant moeite om taken uit te voeren, wat kan leiden tot chronisch uitstelgedrag. Dit patroon van herhaald uitstellen wordt een vaste gewoonte en kan het dagelijks functioneren ernstig beïnvloeden. Omdat er mensen zijn die deze motivatie niet kunnen opwekken, moet daar een verklaring voor zijn, volgens de sociale psychologie. Dit leidt tot sessies met een psycholoog die gaat verkennen waar de bron van het probleem zit. Verklaringen zoals ‘perfectionisme’ of ‘faalangst’ worden dikwijls gekoppeld aan uitstelgedrag. Ontwijkend gedrag komt vaak voor bij mensen die last hebben van deze ernstigere vormen van uitstelgedrag, waarbij het vermijden van taken een manier wordt om met onderliggende angst of emotionele problemen om te gaan. Als het zelfbeeld onvoldoende op orde is, dan moet dat logischerwijs leiden tot uitstelgedrag. De sessies moeten vervolgens leiden tot een beter zelfbeeld, maar dat leidt lang niet altijd tot de juiste adviezen. “Blijft bij je eigen voorkeuren en doe dat vooral uit zelfliefde” – sociaal psycholoog naar cliënt. Voorbeelden, verklaard vanuit de sociale psychologie Hoe verklaren sociaal psychologen de vier voorbeelden? Uitstelgedrag, korte termijn plezier en de neurowetenschap Naast de sociale psychologie, is de neurowetenschap sterk in opkomst. 90% van wat we nu weten over de werking van de hersenen, is pas in de afgelopen 25 jaar ontstaan. De opbouw en vorming van onze (individuele) hersenen blijken zeer sturend voor ons (individuele) gedrag. Vanuit de neurowetenschap wordt uitstelgedrag gezien als een strijd in het brein tussen de ratio (nadenken) en emoties. De prefrontale cortex is het hersengebied dat verantwoordelijk is voor plannen, prioriteren en zelfcontrole en helpt ons bij onze lange-termijndoelen. Tegelijkertijd reageert de amygdala sterk op stress en onzekerheid, wat Vermijdend gedrag laat ontstaan. Ook speelt het dopaminesysteem een cruciale rol. Ons brein maakt dopamine aan bij directe, makkelijke keuzes, dan voor taken met een uitgestelde beloning. Mentale blokkades en verschillende factoren zoals angst, onzekerheid en gebrek aan zelfvertrouwen kunnen hierbij een grote rol spelen in het ontstaan van uitstelgedrag. Aangezien de amygdala eerst aan de beurt is voordat je prefrontale cortex meedoet, kan de amygdala de prefrontale cortex “overstemmen”. Hierdoor kiezen we voor korte-termijncomfort in plaats van lange-termijnresultaten. Uitstelgedrag gaat dus misschien niet over een gebrek wilskracht zoals de sociaal psychologen aanreiken, maar meer een neurobiologisch gestuurd mechanisme waarin emotie, beloning en zelfcontrole constant met elkaar concurreren. Mensen kunnen hierdoor soms onbewust uitstellen door deze interne blokkades, zelfs als ze zich bewust zijn van de negatieve gevolgen. Voorbeelden, verklaard vanuit de neurowetenschap Hoe verklaren neurowetenschappers de vier voorbeelden? Uitstelgedrag en de toegepaste gedragsanalyse Omdat we de werking van de hersenen niet direct kunnen beïnvloeden en omdat het weinig zin heeft om eindeloos te praten over motivatie en wilskracht, richten we ons het liefst op de toegepaste gedragsanalyse. Het vooraf grenzen stellen kan helpen om uitstelgedrag te verminderen, doordat je duidelijke regels voor jezelf bepaalt en zo het beslissingsproces vereenvoudigt. Even kort en zakelijk. Bij uitstelgedrag is er sprake van het Vermijden of Ontsnappen aan je Verantwoordelijkheden. Of

Waar komt emotioneel onvolwassen gedrag vandaan?
Waar komt emotioneel onvolwassen gedrag vandaan en wat kun je eraan doen als iemand dit vertoont? In dit artikel gaan we in op volwassen gedrag, onvolwassen gedrag en de perspectieven vanuit drie wetenschappen. Hoe herken je Emotioneel Volwassen gedrag? Voordat we in gaan op wat onvolwassen gedrag is, bespreken we eerst waar volwassen gedrag uit bestaat en hoe je dit herkent. Bij de Gedragscoach houden we het graag concreet en daarom hebben we een kort lijstje voor je met de zes ingrediënten voor volwassen gedrag. Op het moment dat één of meerdere van deze ingrediënten niet of onvoldoende aanwezig zijn, spreken we niet van volwassen, maar van adolescent gedrag. De persoon in kwestie heeft nog niet op alle vlakken de stap naar volwassenheid gemaakt, ook al heeft iemand de volwassen leeftijd. Inleiding tot emotionele volwassenheid Emotionele volwassenheid vormt de basis voor een gezond en evenwichtig leven. Het is een essentieel onderdeel van persoonlijke ontwikkeling en bepaalt in grote mate hoe we omgaan met onze eigen emoties en die van anderen. Emotioneel volwassen zijn betekent dat je in staat bent om je gevoelens te herkennen, te begrijpen en op een constructieve manier te uiten. Je neemt verantwoordelijkheid voor je eigen gedrag en de gevolgen daarvan, en je zoekt naar manieren om op een respectvolle en empathische manier met anderen om te gaan. Emotionele volwassenheid helpt je niet alleen om beter met stress en conflicten om te gaan, maar zorgt er ook voor dat je relaties verdiepen en je persoonlijke groei wordt gestimuleerd. In dit artikel onderzoeken we de oorzaken van emotionele onvolwassenheid, de gevolgen ervan en hoe je kunt werken aan het ontwikkelen van een emotioneel volwassen houding. Praktijkvoorbeeld: een onvolwassen oma Oma heeft haar drie kleinkinderen te logeren en de jongste, Sam (7), stoot per ongeluk zijn glas limonade om. De limonade druipt van de tafel en sijpelt op de grond. Oma schrikt en slaat met haar hand op tafel en zegt met harde stem: “Sam! Kun je nou nooit eens opletten?! Elke keer doe jij iets fout!” Sam schrikt, kijkt naar de grond en durft niets meer te zeggen. De oudste kleindochter, Eva (10), probeert te helpen en pakt een doekje, maar oma pakt het boos uit haar handen: “Nee, laat mij het maar doen, jullie maken het alleen maar erger!” Oma heeft zichzelf Emotioneel niet onder controle en kan zich Gevoelsmatig niet verplaatsen in het kind. De kleinkinderen leren dat oma onvoorspelbaar gedrag vertoont. In de Verbinding laat oma met haar stemverheffing en klap op tafel zien dat zij zich met agressie kan uiten, iets dat bij de kleinkinderen kan leiden tot terughoudendheid en vrees voor negatieve consequenties. Oma kreeg Vertrouwen van haar kinderen om op de kleinkinderen te passen, maar maakt dit vertrouwen niet waar. Zij pakt haar Verantwoordelijkheid in de rol van oma niet en stelt haar eigen norm – ‘niet morsen’ – centraal. De vraag is of oma bereid is Verantwoording af te leggen aan haar kinderen over haar gedrag. Samengevat vertoont oma adolescent gedrag en heeft zij de stap naar volwassen gedrag niet gemaakt. Hoe herken je emotioneel onvolwassen gedrag? Emotioneel onvolwassen gedrag betekent dat een onvolwassen persoon moeite heeft om emoties te herkennen, te begrijpen en op een gezonde manier te reguleren. Hoewel iemand volwassen kan zijn in leeftijd, kan hij of zij emotioneel blijven reageren alsof het nog een tiener is. Typische kenmerken van emotioneel onvolwassen gedrag zijn dat een onvolwassen persoon vaak impulsief reageert, het vermijden van verantwoordelijkheid, moeite met het aangaan van oprechte verbindingen en defensief of agressief reageren wanneer er kritiek wordt gegeven. Vaak ontbreekt het bij deze mensen aan zelfreflectie, empathie voor een ander en het vermogen om emoties van zichzelf en anderen te begrijpen. Ze kunnen blijven hangen in bepaalde patronen of emoties, waardoor het lastig is om vooruitgang te boeken. Het niet erkennen van fouten en het vermijden van verantwoordelijkheid staan persoonlijke groei in de weg, terwijl het juist belangrijk is om fouten te erkennen en verantwoordelijkheid te nemen. Emotioneel onvolwassen gedrag komt niet voort uit onwil, maar uit het feit dat bepaalde vaardigheden in emotionele regulatie, zelfinzicht en verantwoordelijkheid nemen nog onvoldoende ontwikkeld zijn. Als iemand defensief reageert als hij of zij hierover ter verantwoording wordt geroepen, maakt dit het dikwijls onmogelijk om het probleem aan te pakken. Daarom blijven deze problemen soms een leven lang bestaan, tenzij men bewust kiest om te veranderen en te werken aan het ontwikkelen van emotioneel volwassen gedrag. Sociale psychologie over emotionele onvolwassenheid Vanuit de sociale psychologie wordt emotionele onvolwassenheid vaak verklaard door de manier waarop iemand is gevormd in zijn sociale omgeving. Vroege hechtingservaringen met ouders of verzorgers spelen hierbij een centrale rol. Het vervullen van emotionele behoeften in deze vroege relaties is essentieel; wanneer een kind onvoldoende veiligheid, erkenning, voorspelbare grenzen of aandacht voor zijn emotionele behoeften heeft ervaren, kan het moeite ontwikkelen met zelfvertrouwen, emotieregulatie en empathie. Ook latere sociale invloeden, zoals de druk van een vriendengroep, pesten, het omgaan met andere mensen en hun behoeften, of traumatische relaties, kunnen maken dat iemand blijft hangen in adolescent gedrag. Emotionele onvolwassenheid wordt niet gezien als een vaststaand persoonlijkheidskenmerk, maar als het gevolg van aangeleerde patronen in omgang met anderen en het (niet) herkennen van eigen behoeften bij het ontwikkelen van gezonde relaties. Neurowetenschap over emotionele onvolwassenheid De neurowetenschap kijkt naar de rol van de hersenen bij emotionele ontwikkeling. Belangrijke hersengebieden, zoals de prefrontale cortex (voor plannen, zelfcontrole en besluitvorming) en de amygdala (voor het verwerken van emoties en stress), zijn van cruciaal belang. Bij emotionele onvolwassenheid is aangetoond dat de verbinding tussen deze systemen niet optimaal functioneert. Soms komt dit doordat de prefrontale cortex nog niet volledig ontwikkeld is, wat zo rond het 25e levensjaar voltooid is. Daarnaast kan een overactieve amygdala angst en stress veroorzaken waar dat niet nodig is. Dit kan komen door langdurige stress of overprikkeling, maar ook omdat de amygdala in de baarmoeder zo gevormd is en dus vanaf geboorte een stempel drukt. Door overprikkeling kunnen mensen blijven hangen in negatieve emoties of oude gedragspatronen, waardoor het moeilijk wordt om los te laten en flexibel te reageren. In plaats daarvan kun je leren

Zelfvertrouwen vergroten: aanpak, noodzaak en blokkades
We praten eenvoudig over ‘jouw zelfvertrouwen vergroten’, maar de praktijk is weerbarstig. Voor het hebben van gezonde relaties is vertrouwen en zelfvertrouwen noodzakelijk, maar technische blokkades liggen op de loer. Wat is zelfvertrouwen? Zelfvertrouwen is een woord dat we gebruiken om te kunnen wijzen op een inwendige bron van overtuiging over jouw ‘zelf’. Vanuit die bron zou je anderen met vertrouwen tegemoet kunnen treden en je niet veel zorgen hoeven te maken over de indruk die je maakt. Zelfvertrouwen betekent dat je gelooft dat je het aankan, ook als je je nerveus voelt. Je durft je uit te spreken, fouten te maken en jezelf te laten zien. Het vormen van een eigen mening speelt hierbij een belangrijke rol, omdat het bijdraagt aan het versterken van je zelfvertrouwen. Zelfvertrouwen wordt vanuit de sociale psychologie, onder andere door sociaal psychologen, bedoeld als een knop waaraan je kunt draaien. Alsof meer zelfvertrouwen voor alle mensen maakbaar is. Dat blijkt het voor veel mensen niet te zijn. Vertrouwen begint in je zenuwstelsel Vertrouwen is geen vaag gevoel of bewuste keuze, maar blijkt letterlijk ingebed te zijn in je lichaam. In je hersenen lopen banen die voortdurend inschatten of de ander veilig is, meestal zonder dat je dat doorhebt. Wanneer je lichaam spanning of dreiging ervaart, verschuift je autonome zenuwstelsel naar bescherming. Je hartslag versnelt, je adem stokt, je gezichtsuitdrukking verandert. In die toestand kun je simpelweg geen vertrouwen voelen of uitstralen, hoe graag je dat ook zou willen. Vertrouwen is dus niet zozeer een mentale overtuiging, maar een fysiologische staat. Alleen wanneer je lichaam veiligheid registreert, wordt die ‘vertrouwensbaan’ actief. Dat maakt vertrouwen niet alleen kwetsbaar, maar ook tastbaar. Het probleem is dat de ene persoon veel sneller onveiligheid ervaart dan een ander. Ervaren van onveiligheid begint vóór geboorte Vertrouwen begint niet pas wanneer we volwassen zijn of relaties aangaan. Het begint al vóór onze geboorte. Neurowetenschappelijk onderzoek toont aan dat de gevoeligheid van de amygdala, het hersengebied dat dreiging detecteert, al tijdens de zwangerschap wordt gevormd. Dat betekent dat sommige mensen ter wereld komen met een brein dat al op scherp staat. Meer gericht op overleven, dan op verbinden. Overigens is dit voor de persoon in kwestie niet duidelijk. Want hoe vertel je aan een vis dat deze in het water zwemt? Gevoelens van onveiligheid, onzekerheid en nervositeit zijn het normaal. Gaandeweg het leven wordt voor sommige mensen duidelijk dat zij simpelweg meer aanleg hebben om onveiligheid te ervaren dan gemiddeld. Dit heeft grote gevolgen voor de mogelijkheid om jezelf en anderen te vertrouwen. Kun je zelfvertrouwen vergroten? Ja, je kunt zelfvertrouwen vergroten, maar niet zoals vaak wordt voorgesteld. Zelfvertrouwen is geen knop waar je aan draait of een positieve zelfbevestiging die je vooral vaak genoeg moet herhalen. Zelfvertrouwen groeit niet uit denken en ratio, maar uit doen en ervaren. Een gevoel van zelfvertrouwen ontstaat gaandeweg als je lichaam leert: ik kan iets onveilig vinden én het toch aan kunnen. Dat gebeurt wanneer je kleine risico’s neemt, successen ervaart en merkt dat fouten niet het einde van de wereld zijn. Elke keer dat je jezelf uitspreekt, je grenzen bewaakt, je verantwoordelijkheid neemt, of iets doet wat je eng vindt dan voed je die innerlijke bron. Je creëert nieuwe positieve associaties met iets dat voorheen alleen vervelend was. Zelfvertrouwen is dus geen constante staat in je identiteit, maar een vaardigheid die je traint in gedrag. Door te oefenen bepaalde vaardigheden vergroot je je zelfvertrouwen. Het formuleren van een helpende gedachte is hierbij belangrijk: door bewust een positieve en realistische gedachte te kiezen, kun je niet-helpende gedachten ombuigen en jezelf ondersteunen bij het oefenen van nieuw gedrag. Oefen daarmee, zodat je deze nieuwe manier van denken en doen steeds meer eigen maakt en het effect op je zelfvertrouwen versterkt. Een ander kan je ondersteunen in het overkomen van barrières, ook al is het lastig. Zelfvertrouwen is iets anders dan bravoure In onze praktijk zien we dat vooral mannen zelfvertrouwen weleens verwarren met bravoure. “Ik ben nooit bang” – quote van een persoon met een laag zelfbeeld en weinig zelfvertrouwen. Bravoure verwarren met zelfvertrouwen is alsof je spiermassa aanziet voor kracht. Maar spieren kweek je niet per se omdat je sterk bént, maar vaak omdat je je kwetsbaar voelt. Echte kracht zit niet in wat je laat zien, maar in wat je niet meer hoeft te bewijzen. Vertrouwen en zelfvertrouwen zijn noodzakelijke bouwstenen Bij de Gedragscoach begeleiden we vaak mensen die problemen ervaren bij de relaties die ze hebben. Via relatieproblemen wordt nogal eens een dieper liggend probleem duidelijk; een gebrek aan vertrouwen. Wij hanteren de volgende spelregel bij het aangaan van relaties. Je kunt niet een ander Vertrouwen als je niet eerst je Zelf Vertrouwt. Het kunnen vertrouwen in jezelf en in anderen is noodzakelijk voor het aangaan van gezonde, volwassen relaties. Een gebrek aan zelfvertrouwen en daardoor vertrouwen in anderen leidt vaak tot emotioneel onvolwassen gedrag. Vanwege een permanent gevoel van onveiligheid is er een verdedigingsmechanisme ontwikkeld, waardoor mensen in de omgeving om moeten gaan met onvoorspelbaar en emotioneel gedrag. Dit doet op termijn relaties onder druk staan. Mensen met weinig zelfvertrouwen krijgen dan ook vaak op langere termijn precies waar ze bang voor zijn: de bevestiging dat ze ‘niet goed genoeg’ zijn of het ‘toch nooit goed doen’. Het is daarom belangrijk om jezelf net zo begripvol en ondersteunend te behandelen als je zou doen bij een goede vriend. Kunnen vertrouwen en het hebben van zelfvertrouwen zijn dus cruciaal voor het kunnen leiden van een gelukkig leven. Uitstelgedrag en niet helpende gedachten liggen op de loer Omdat een gebrek aan vertrouwen en een gebrek aan zelfvertrouwen ontstaan door een gevoel van onveiligheid, ligt uitstelgedrag om het aan te pakken op de loer. Het is namelijk juist het gevoel van onveiligheid dat de motor is achter een gebrek aan zelfvertrouwen. We zien dat mensen met weinig zelfvertrouwen het probleem niet aanpakken, juist omdát het onveilig voelt. Daarnaast merken we dat hoe langer mensen de problematiek rondom een gebrek aan vertrouwen uitstellen, hoe hoger problemen zich opstapelen en hoe moeilijker het wordt om ze op te lossen. Dankbaarheid en waardering als fundament